Een van de oudste filosofische problemen is het geest-lichaam-probleem. We
hebben een lichaam waar bloed doorheen stroomt en waarin zenuwimpulsen
zich voortplanten, en we hebben een geest die die gebeurtenissen opmerkt
en er betekenis aan hecht. Maar hoe doet die geest dat, en waar? Is er,
zoals Descartes voorstelde, een punt in het brein waar alle
'betekenisstromen' naar toe lopen, om daar te worden geïnterpreteerd door
een Geest (nu met een hoofdletter), een mysterieuze instantie die verdere
verklaring te boven gaat? Aan zulke dualistische modellen kleven een
aantal grote bezwaren, waarvan het belangrijkste misschien is dat ze het
probleem niet echt oplossen, maar het achter de horizon laten verdwijnen.
De opkomst van de computer heeft geleid tot een nieuwe aanpak van het
probleem, die speciaal in kringen van de kunstmatige intelligentie
(AI) populair is geworden. Twee bekende boeken waarin deze aanpak
uiteen wordt gezet zijn "Gödel, Escher, Bach" van Douglas
R. Hofstadter en "Consciousness Explained" van Daniel
C. Dennett. Hoewel de beide boeken heel verschillend zijn, is hun
basisgedachte dezelfde: het is niet nodig het bestaan van een Geest
los van de materie te veronderstellen. Molekulen in de hersenen
fungeren als symbolen, als boodschappen die door een bepaald deel naar
een ander deel gestuurd worden. Op de plaats van bestemming worden de
boodschappen ook afgelezen: andere betekenisdragende processen
reageren op hun aankomst. De symbolen zijn dus actief in de zin dat ze
er zelf voor zorgen dat ze worden afgelezen, wat een belangrijk
verschil is met passieve symbolen als de letters op dit papier.
Het heeft niet ontbroken aan kritiek op deze verklaring, voornamelijk
langs de lijn dat symbolen, of ze nu passief of actief zijn, toch pas
tot leven komen als ze door een Geest worden geïnterpreteerd. Het
lijkt er echter op dat er een impasse is ontstaan , waarin beide
kampen dezelfde argumenten blijven herhalen zonder dichter bij elkaar
te komen. Het ene kamp vindt het eenvoudig absurd om in symbolen de
bouwstenen van het bewustzijn te zien, het andere vindt het absurd dat
er niet in te zien. Net als de leden van het Geest-kamp geloof ik
dat er iets niet klopt in de voorstelling die de AI'ers van het
bewustzijn geven, maar ik wil proberen dat te laten zien aan de hand
van een argument dat voor zover ik weet nieuw is. Het berust op een
kleine analyse van de structuur van causale verklaringen en de rol van
de begrippen objectief en subjectief daarbij. In mijn praatje zal ik
proberen eerst het standpunt van Hofstadter en Dennett duidelijk te
maken en dan te laten zien waar hun argument mijns inziens ontspoort.